Staaf
commonZipf 3.2
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
de staaf
Zelfstandig naamwoord/'staf/enkelvoud
staafstaafjemeervoud
stavenstaafjesstaven
Werkwoord/'stavən; 'stavə/infinitief
staventegenwoordige tijd
staafstaaftstavenverleden tijd
staafdestaafdentegenwoordig deelwoord
stavendstavende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.