NEDERLANDS
🇳🇱

    Stapel

    A2top5000Zipf 4.0

    adjectief; hoop; vachtdikte

    • stapel

      Bijvoeglijk naamwoord/'stapəl/

      stellende trap

      stapel
    • de stapel

      Zelfstandig naamwoord/'stapəl/

      hoop

      enkelvoud

      stapelstapeltje

      meervoud

      stapelsstapeltjes
    • de stapel

      Zelfstandig naamwoord/'stapəl/

      vachtdikte

      enkelvoud

      stapelstapeltje

      meervoud

      stapelsstapeltjes
    • stapelen

      Werkwoord/'stapələn; 'stapələ/

      infinitief

      stapelen

      tegenwoordige tijd

      stapelstapeltstapelen

      verleden tijd

      stapeldestapelden

      tegenwoordig deelwoord

      stapelendstapelende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.