NEDERLANDS
🇳🇱

    Stipuleren

    werkwoord

    • stipuleren

      Werkwoord/stipy'lerən; stipy'lerə/

      infinitief

      stipuleren

      tegenwoordige tijd

      stipuleerstipuleertstipuleren

      verleden tijd

      stipuleerdestipuleerden

      tegenwoordig deelwoord

      stipulerendstipulerende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren