Stolp
uncommonZipf 2.3
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
de stolp
Zelfstandig naamwoord/'stɔlp/enkelvoud
stolpstolpjemeervoud
stolpenstolpjesstolpen
Werkwoord/'stɔlpən; 'stɔlpə/infinitief
stolpentegenwoordige tijd
stolpstolptstolpenverleden tijd
stolptestolptentegenwoordig deelwoord
stolpendstolpende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.