NEDERLANDS
🇳🇱
  • Stommeling(de)
    Zelfstandig naamwoordpersoon
  • Stommeling(de)
    Zelfstandig naamwoordgeluid beweging

Stommeling

  • destommeling

    Zelfstandig naamwoord

    persoon

    1. persoon

      Iemand die dom of onhandig handelt; het woord wordt meestal als scheldwoord gebruikt.

      De stommeling liet zijn koffie over de bank vallen.

    wat een stommelingiemand een stommeling noemeneen domme stommeling
  • destommeling

    Zelfstandig naamwoord

    geluid; beweging

    1. geluid

      Een hard, dof geluid, zoals een klap of stoot.

      De stommeling van de vallende boeken maakte ons wakker.

    2. beweging

      Een zware, onhandige beweging van een persoon of voorwerp.

      De stommeling van zijn arm deed het glas omvallen.

Blijf leren