NEDERLANDS
🇳🇱

    Striem

    uncommonZipf 2.2

    streep; scheepsterm; werkwoord

    • de striem

      Zelfstandig naamwoord/'strim/

      streep

      enkelvoud

      striemstriempje

      meervoud

      striemenstriempjes
    • het striem

      Zelfstandig naamwoord/'strim/

      scheepsterm

      enkelvoud

      striemstriempje

      meervoud

      striemenstriempjes
    • striemen

      Werkwoord/'strimən; 'strimə/

      infinitief

      striemen

      tegenwoordige tijd

      striemstriemtstriemen

      verleden tijd

      striemdestriemden

      tegenwoordig deelwoord

      striemendstriemende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren