Stroppen
uncommonZipf 1.8
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; tot een strop maken; blijven steken
de strop
Zelfstandig naamwoord/'strɔp/enkelvoud
stropstropjemeervoud
stroppenstropjesstroppen
Werkwoord/'strɔpən; 'strɔpə/tot een strop maken
infinitief
stroppentegenwoordige tijd
stropstroptstroppenverleden tijd
stroptestroptentegenwoordig deelwoord
stroppendstroppendestroppen
Werkwoord/'strɔpən; 'strɔpə/blijven steken
infinitief
stroppentegenwoordige tijd
stropstroptstroppenverleden tijd
stroptestroptentegenwoordig deelwoord
stroppendstroppende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.