NEDERLANDS
🇳🇱

    Stukgaat

    uncommonZipf 2.4

    werkwoord

    • stukgaan

      Werkwoord/'stʏkxan/

      infinitief

      stukgaan

      tegenwoordige tijd

      ga stukstukgagaat stukstukgaatgaan stukstukgaan

      verleden tijd

      ging stukstukginggingen stukstukgingen

      tegenwoordig deelwoord

      stukgaandstukgaande

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren