NEDERLANDS
🇳🇱

    Stukken

    top5000Zipf 4.5

    deel; hoeveelheid; persoon

    • het stuk

      Zelfstandig naamwoord/'stʏk/

      deel; hoeveelheid; persoon

      enkelvoud

      stukstukje

      meervoud

      stukkenstukjes

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.