NEDERLANDS
🇳🇱

    Surfplanken

    uncommonZipf 2.4

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • de surfplank

      Zelfstandig naamwoord/'sʏrfplɑŋk/

      enkelvoud

      surfplanksurfplankje

      meervoud

      surfplankensurfplankjes

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren