NEDERLANDS
🇳🇱

    Tandheelkundige

    uncommonZipf 2.1

    adjectief; zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • tandheelkundig

      Bijvoeglijk naamwoord/tɑnthel'kʏndəx/

      stellende trap

      tandheelkundigtandheelkundigetandheelkundigs

      vergrotende trap

      tandheelkundigertandheelkundigeretandheelkundigers

      overtreffende trap

      tandheelkundigsttandheelkundigste
    • de tandheelkundige

      Zelfstandig naamwoord/tɑnthel'kʏndəɣə/

      enkelvoud

      tandheelkundige

      meervoud

      tandheelkundigen

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren