NEDERLANDS
🇳🇱

    Teamspelers

    uncommonZipf 2.1

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • de teamspeler

      Zelfstandig naamwoord/'tiːmspelər/

      enkelvoud

      teamspelerteamspelertje

      meervoud

      teamspelersteamspelertjes

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren