Teer
B1commonZipf 3.5
adjectief; zelfstandig naamwoord, enkelvoud; leven
teer
Bijvoeglijk naamwoord/'ter/stellende trap
teertereteersvergrotende trap
teerderteerdereteerdersovertreffende trap
teerstteerstede/het teer
Zelfstandig naamwoord/'ter/enkelvoud
teerteren
Werkwoord/'terən; 'terə/leven
infinitief
terentegenwoordige tijd
teerteertterenverleden tijd
teerdeteerdentegenwoordig deelwoord
terendterendeteren
Werkwoord/'terən; 'terə/met teer bestrijken
infinitief
terentegenwoordige tijd
teerteertterenverleden tijd
teerdeteerdentegenwoordig deelwoord
terendterende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.