NEDERLANDS
🇳🇱

    Teert

    uncommonZipf 2.5

    leven; met teer bestrijken

    • teren

      Werkwoord/'terən; 'terə/

      leven

      infinitief

      teren

      tegenwoordige tijd

      teerteertteren

      verleden tijd

      teerdeteerden

      tegenwoordig deelwoord

      terendterende
    • teren

      Werkwoord/'terən; 'terə/

      met teer bestrijken

      infinitief

      teren

      tegenwoordige tijd

      teerteertteren

      verleden tijd

      teerdeteerden

      tegenwoordig deelwoord

      terendterende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren