NEDERLANDS
🇳🇱

    Toeristenseizoen

    uncommonZipf 1.8

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • het toeristenseizoen

      Zelfstandig naamwoord/tu'rɪstənsɛɪzun; tu'rɪstəsɛɪzun/

      enkelvoud

      toeristenseizoen

      meervoud

      toeristenseizoenen

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren