NEDERLANDS
🇳🇱

    Ton

    A2top5000Zipf 4.1

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de ton

      Zelfstandig naamwoord/'tɔn/

      enkelvoud

      tontonnetje

      meervoud

      tonnentonnetjes
    • tonnen

      Werkwoord/'tɔnən; 'tɔnə/

      infinitief

      tonnen

      tegenwoordige tijd

      tontonttonnen

      verleden tijd

      tondetonden

      tegenwoordig deelwoord

      tonnendtonnende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.