NEDERLANDS
🇳🇱

    Transit

    uncommonZipf 2.1

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • de transit

      Zelfstandig naamwoord/'trɑnzɪt/

      enkelvoud

      transit

      meervoud

      transits

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren