NEDERLANDS
🇳🇱

    Transpireert

    uncommonZipf 2.4

    werkwoord

    • transpireren

      Werkwoord/trɑnspi'rerən; trɑnspi'rerə/

      infinitief

      transpireren

      tegenwoordige tijd

      transpireertranspireerttranspireren

      verleden tijd

      transpireerdetranspireerden

      tegenwoordig deelwoord

      transpirerendtranspirerende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren