NEDERLANDS
🇳🇱

    Treinticket

    uncommonZipf 2.1

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • de/het treinticket

      Zelfstandig naamwoord/'trɛɪntɪkət; 'trɛɪntikɛt/

      enkelvoud

      treintickettreinticketje

      meervoud

      treinticketstreinticketjes

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren