NEDERLANDS
🇳🇱

    Uitdragen

    uncommonZipf 2.6

    werkwoord

    • uitdragen

      Werkwoord/'œydraɣən; 'œydraɣə/

      infinitief

      uitdragen

      tegenwoordige tijd

      draag uituitdraagdraagt uituitdraagtdragen uituitdragen

      verleden tijd

      droeg uituitdroegdroegen uituitdroegen

      tegenwoordig deelwoord

      uitdragenduitdragende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.