NEDERLANDS
🇳🇱

    Uiteengerukt

    uncommonZipf 2.1

    werkwoord

    • uiteenrukken

      Werkwoord/œyt'enrʏkən; œyt'enrʏkə/

      infinitief

      uiteenrukken

      tegenwoordige tijd

      ruk uiteenuiteenrukrukt uiteenuiteenruktrukken uiteenuiteenrukken

      verleden tijd

      rukte uiteenuiteenrukterukten uiteenuiteenrukten

      tegenwoordig deelwoord

      uiteenrukkenduiteenrukkende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren