NEDERLANDS
🇳🇱

    Uitgefloten

    uncommonZipf 1.8

    werkwoord

    • uitfluiten

      Werkwoord/'œytflœytən; 'œytflœytə/

      infinitief

      uitfluiten

      tegenwoordige tijd

      fluit uituitfluitfluiten uituitfluiten

      verleden tijd

      floot uituitflootfloten uituitfloten

      tegenwoordig deelwoord

      uitfluitenduitfluitende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren