Uitgehoord
uncommonZipf 2.3
werkwoord
uithoren
Werkwoord/'œythorən; 'œythorə/infinitief
uithorentegenwoordige tijd
hoor uituithoorhoort uituithoorthoren uituithorenverleden tijd
hoorde uituithoordehoorden uituithoordentegenwoordig deelwoord
uithorenduithorende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.