NEDERLANDS
🇳🇱

    Uitgeleefd

    uncommonZipf 2.5

    adjectief; werkwoord

    • uitgeleefd

      Bijvoeglijk naamwoord/'œytxəleft/

      stellende trap

      uitgeleefduitgeleefdeuitgeleefds

      vergrotende trap

      uitgeleefderuitgeleefdereuitgeleefders

      overtreffende trap

      uitgeleefdstuitgeleefdste
    • uitleven

      Werkwoord/'œytlevən; 'œytlevə/

      infinitief

      uitleven

      tegenwoordige tijd

      leef uituitleefleeft uituitleeftleven uituitleven

      verleden tijd

      leefde uituitleefdeleefden uituitleefden

      tegenwoordig deelwoord

      uitlevenduitlevende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren