NEDERLANDS
🇳🇱

    Uitrekt

    uncommonZipf 2.1

    werkwoord

    • uitrekken

      Werkwoord/'œytrɛkən; 'œytrɛkə/

      infinitief

      uitrekken

      tegenwoordige tijd

      rek uituitrekrekt uituitrektrekken uituitrekken

      verleden tijd

      rekte uituitrekterekten uituitrekten

      tegenwoordig deelwoord

      uitrekkenduitrekkende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren