Uittrap
uncommonZipf 1.8
zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord
de uittrap
Zelfstandig naamwoord/'œytrɑp/enkelvoud
uittrapuittrapjemeervoud
uittrappenuittrapjesuittrappen
Werkwoord/'œytrɑpən; 'œytrɑpə/infinitief
uittrappentegenwoordige tijd
trap uituittraptrapt uituittrapttrappen uituittrappenverleden tijd
trapte uituittraptetrapten uituittraptentegenwoordig deelwoord
uittrappenduittrappende
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.