NEDERLANDS
🇳🇱

    Uitvreten

    uncommonZipf 2.4

    werkwoord

    • uitvreten

      Werkwoord/'œytfretən; 'œytfretə/

      infinitief

      uitvreten

      tegenwoordige tijd

      vreet uituitvreetvreten uituitvreten

      verleden tijd

      vrat uituitvratvraten uituitvraten

      tegenwoordig deelwoord

      uitvretenduitvretende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren