NEDERLANDS
🇳🇱

    Vastkrijgen

    uncommonZipf 2.5

    werkwoord

    • vastkrijgen

      Werkwoord/'vɑstkrɛɪɣən; 'vɑstkrɛɪɣə/

      infinitief

      vastkrijgen

      tegenwoordige tijd

      krijg vastvastkrijgkrijgt vastvastkrijgtkrijgen vastvastkrijgen

      verleden tijd

      kreeg vastvastkreegkregen vastvastkregen

      tegenwoordig deelwoord

      vastkrijgendvastkrijgende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren