NEDERLANDS
🇳🇱

    Verdiep

    uncommonZipf 2.6

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • het verdiep

      Zelfstandig naamwoord/vər'dip/

      enkelvoud

      verdiepverdiepje

      meervoud

      verdiepenverdiepjes
    • verdiepen

      Werkwoord/vər'dipən; vər'dipə/

      infinitief

      verdiepen

      tegenwoordige tijd

      verdiepverdieptverdiepen

      verleden tijd

      verdiepteverdiepten

      tegenwoordig deelwoord

      verdiependverdiepende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.