NEDERLANDS
🇳🇱

    Versoepelen

    uncommonZipf 2.1

    werkwoord

    • versoepelen

      Werkwoord/vər'supələn; vər'supələ/

      infinitief

      versoepelen

      tegenwoordige tijd

      versoepelversoepeltversoepelen

      verleden tijd

      versoepeldeversoepelden

      tegenwoordig deelwoord

      versoepelendversoepelende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren