NEDERLANDS
🇳🇱

    Vierdaagse

    uncommonZipf 2.2

    adjectief; zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • vierdaags

      Bijvoeglijk naamwoord/'virdaxs; vir'daxs/

      stellende trap

      vierdaagsvierdaagse
    • de vierdaagse

      Zelfstandig naamwoord/vir'daxsə/

      enkelvoud

      vierdaagse

      meervoud

      vierdaagsenvierdaagses

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren