NEDERLANDS
🇳🇱

    Visstick

    uncommonZipf 2.1

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • de visstick

      Zelfstandig naamwoord/'vɪstɪk/

      enkelvoud

      visstick

      meervoud

      vissticks

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren