Vloei
uncommonZipf 2.1
het vloeien; stromen; droogmaken
de vloei
Zelfstandig naamwoord/'vluj/het vloeien
enkelvoud
vloeivloeien
Werkwoord/'vlujən; 'vlujə/stromen
infinitief
vloeientegenwoordige tijd
vloeivloeitvloeienverleden tijd
vloeidevloeidentegenwoordig deelwoord
vloeiendvloeiendevloeien
Werkwoord/'vlujən; 'vlujə/droogmaken
infinitief
vloeientegenwoordige tijd
vloeivloeitvloeienverleden tijd
vloeidevloeidentegenwoordig deelwoord
vloeiendvloeiendehet vloei
Zelfstandig naamwoord/'vluj/vloeipapier
enkelvoud
vloeivloeitjemeervoud
vloeienvloeitjesde vloei
Zelfstandig naamwoord/'vluj/ankerhand
enkelvoud
vloeivloeitjemeervoud
vloeienvloeitjes
Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.
Gratis. Geen wachtwoord.