NEDERLANDS
🇳🇱

    Voeder

    uncommonZipf 2.7

    voer; iemand die voert; werkwoord

    • het voeder

      Zelfstandig naamwoord/'vudər/

      voer

      enkelvoud

      voeder

      meervoud

      voeders
    • de voeder

      Zelfstandig naamwoord/'vudər/

      iemand die voert

      enkelvoud

      voeder

      meervoud

      voeders
    • voederen

      Werkwoord/'vudərən; 'vudərə/

      infinitief

      voederen

      tegenwoordige tijd

      voedervoedertvoederen

      verleden tijd

      voederdevoederden

      tegenwoordig deelwoord

      voederendvoederende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.