NEDERLANDS
🇳🇱

    Voltrok

    uncommonZipf 2.4

    werkwoord

    • voltrekken

      Werkwoord/vɔl'trɛkən; vɔl'trɛkə/

      infinitief

      voltrekken

      tegenwoordige tijd

      voltrekvoltrektvoltrekken

      verleden tijd

      voltrokvoltrokken

      tegenwoordig deelwoord

      voltrekkendvoltrekkende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren