NEDERLANDS
🇳🇱

    Voorbijtrekken

    uncommonZipf 2.1

    werkwoord

    • voorbijtrekken

      Werkwoord/vor'bɛɪtrɛkən; vor'bɛɪtrɛkə/

      infinitief

      voorbijtrekken

      tegenwoordige tijd

      trek voorbijvoorbijtrektrekt voorbijvoorbijtrekttrekken voorbijvoorbijtrekken

      verleden tijd

      trok voorbijvoorbijtroktrokken voorbijvoorbijtrokken

      tegenwoordig deelwoord

      voorbijtrekkendvoorbijtrekkende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren