NEDERLANDS
🇳🇱

    Voorttrekken

    uncommonZipf 1.8

    werkwoord

    • voorttrekken

      Werkwoord/'vortrɛkən; 'vortrɛkə/

      infinitief

      voorttrekken

      tegenwoordige tijd

      trek voortvoorttrektrekt voortvoorttrekttrekken voortvoorttrekken

      verleden tijd

      trok voortvoorttroktrokken voortvoorttrokken

      tegenwoordig deelwoord

      voorttrekkendvoorttrekkende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren