NEDERLANDS
🇳🇱
  • Vuist(de)
    Zelfstandig naamwoordgesloten hand gebalde hand

Vuist

  • devuist

    Zelfstandig naamwoord

    gesloten hand; gebalde hand

    1. lichaamsdeel

      De hand waarin de vingers dicht tegen de handpalm zijn gebald; je gebruikt een vuist om te slaan of iets stevig vast te houden.

      Hij sloeg met zijn vuist op de tafel.

    een vuist makengebalde vuistmet de vuist slaan

Blijf leren