NEDERLANDS
🇳🇱

    Waarborg

    uncommonZipf 2.8

    zelfstandig naamwoord, enkelvoud; werkwoord

    • de waarborg

      Zelfstandig naamwoord/'warbɔrx/

      enkelvoud

      waarborg

      meervoud

      waarborgen
    • waarborgen

      Werkwoord/'warbɔrɣən; 'warbɔrɣə/

      infinitief

      waarborgen

      tegenwoordige tijd

      waarborgwaarborgtwaarborgen

      verleden tijd

      waarborgdewaarborgden

      tegenwoordig deelwoord

      waarborgendwaarborgende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren