NEDERLANDS
🇳🇱

    Wielen

    commonZipf 3.8

    onderdeel voertuig; rad; plas; werkwoord

    • het wiel

      Zelfstandig naamwoord/'wil/

      onderdeel voertuig; rad

      enkelvoud

      wielwieltjewieletje

      meervoud

      wielenwieltjeswieletjes
    • de/het wiel

      Zelfstandig naamwoord/'wil/

      plas

      enkelvoud

      wielwieltjewieletje

      meervoud

      wielenwieltjeswieletjes
    • wielen

      Werkwoord/'wilən; 'wilə/

      infinitief

      wielen

      tegenwoordige tijd

      wielwieltwielen

      verleden tijd

      wieldewielden

      tegenwoordig deelwoord

      wielendwielende

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren