NEDERLANDS
🇳🇱

    Zomers

    A2commonZipf 3.4

    's zomers; zelfstandig naamwoord, enkelvoud

    • zomers

      Bijwoord/'zomərs/

      's zomers

      ~

      zomers
    • de zomer

      Zelfstandig naamwoord/'zomər/

      enkelvoud

      zomerzomertje

      meervoud

      zomerszomertjes

    Maak een gratis account om de volledige leerkaart voor dit woord te genereren.

    Gratis. Geen wachtwoord.

    Blijf leren