Допоміжне дієслово
hebben
werkwoord
reizen zegt meestal iets over het maken van een reis of het verplaatsen van de ene plaats naar de andere.
Infinitief
Tegenwoordig deelwoord
Tegenwoordige tijd
ik
jij / je
u
hij
zij / ze
het
wij / we
jullie
Verleden tijd
ik
jij / je
u
hij
zij / ze
het
wij / we
jullie
Voltooid deelwoord
Aanvoegende wijs
Gebiedende wijs
jij / je
u
Приклади
Ik heb in mijn leven veel gereisd.
voltooid deelwoord, aantonend
Я створив цей словник як найповніший ресурс для тих, хто вивчає нідерландську. Визначення та приклади генеруються, тому ви можете іноді помітити помилку — довіряйте своїй інтуїції.