πŸ‡ΊπŸ‡¦

Sneeuw

Π€ΠΎΡ€ΠΌΠΈ ΠΎΠ΄Π½ΠΈΠ½ΠΈ

Sneeuw is bijna altijd een niet-telbaar zelfstandig naamwoord; je gebruikt het in het enkelvoud en zonder lidwoord 'een'.

ΠžΠ·Π½Π°Ρ‡Π΅Π½ΠΈΠΉ (de/het)
НСозначСний (een)
Π‘Π΅Π· артикля

Π€ΠΎΡ€ΠΌΠΈ ΠΌΠ½ΠΎΠΆΠΈΠ½ΠΈ

Het meervoud 'sneeuwen' bestaat wel, maar is zeldzaam en vooral literair of technisch (bijv. voor verschillende soorten sneeuw).

ΠžΠ·Π½Π°Ρ‡Π΅Π½ΠΈΠΉ (de)
Π‘Π΅Π· артикля

Частотні складСні слова

  • sneeuwbal

    bal gevormd uit samengedrukte sneeuw

  • sneeuwpop

    figuur gemaakt van opgestapelde sneeuw

  • sneeuwvlok

    afzonderlijk kristal van sneeuw

  • sneeuwstorm

    storm met veel vallende sneeuw

  • poedersneeuw

    lichte, droge sneeuw die goed is om op te skiΓ«n

  • sneeuwketting

    ketting rond autobanden voor grip op sneeuw

Частотні словосполучСння

  • valt

    Het werkwoord 'vallen' wordt veel gebruikt: 'de sneeuw valt'.

  • ligt

    Sneeuw die op de grond is aangekomen 'ligt' ergens.

  • smelt

    Als de temperatuur stijgt, 'smelt' de sneeuw.

  • dikke laag

    Vaste combinatie om hoeveelheid aan te geven.

  • in de sneeuw

    Voorzetselgroep voor activiteit of plaats.

Π’Π°ΠΆΠ»ΠΈΠ²Ρ– зауваТСння

  • countability:Sneeuw is een stofnaam en wordt normaal gesproken niet in het meervoud of met 'een' gebruikt; zeg 'wat sneeuw' of 'een beetje sneeuw' als je een kleine hoeveelheid bedoelt.
  • usage:Geen verkleinwoord in het standaard Nederlands; 'sneeuwtje' komt voor maar is informeel en ongebruikelijk.
  • irregular:Het meervoud 'sneeuwen' wordt in de praktijk zelden gebruikt; gebruik bij voorkeur 'soorten sneeuw'.

Π― створив Ρ†Π΅ΠΉ словник як Π½Π°ΠΉΠΏΠΎΠ²Π½Ρ–ΡˆΠΈΠΉ рСсурс для Ρ‚ΠΈΡ…, Ρ…Ρ‚ΠΎ Π²ΠΈΠ²Ρ‡Π°Ρ” Π½Ρ–Π΄Π΅Ρ€Π»Π°Π½Π΄ΡΡŒΠΊΡƒ. ВизначСння Ρ‚Π° ΠΏΡ€ΠΈΠΊΠ»Π°Π΄ΠΈ Π³Π΅Π½Π΅Ρ€ΡƒΡŽΡ‚ΡŒΡΡ, Ρ‚ΠΎΠΌΡƒ Π²ΠΈ ΠΌΠΎΠΆΠ΅Ρ‚Π΅ Ρ–Π½ΠΎΠ΄Ρ– ΠΏΠΎΠΌΡ–Ρ‚ΠΈΡ‚ΠΈ ΠΏΠΎΠΌΠΈΠ»ΠΊΡƒ β€” довіряйтС своїй Ρ–Π½Ρ‚ΡƒΡ—Ρ†Ρ–Ρ—.