πŸ‡ΊπŸ‡¦

Zondag

Π€ΠΎΡ€ΠΌΠΈ ΠΎΠ΄Π½ΠΈΠ½ΠΈ

Je zegt 'de zondag' als je specifiek die dag bedoelt, of gewoon 'zondag' zonder lidwoord in vaste uitdrukkingen zoals 'op zondag'.

ΠžΠ·Π½Π°Ρ‡Π΅Π½ΠΈΠΉ (de/het)
НСозначСний (een)
Π‘Π΅Π· артикля

Π€ΠΎΡ€ΠΌΠΈ ΠΌΠ½ΠΎΠΆΠΈΠ½ΠΈ

Het meervoud 'zondagen' gebruik je om over meerdere zondagen te praten, bijvoorbeeld 'alle zondagen van de maand'.

ΠžΠ·Π½Π°Ρ‡Π΅Π½ΠΈΠΉ (de)
Π‘Π΅Π· артикля

Π—ΠΌΠ΅Π½ΡˆΡƒΠ²Π°Π»ΡŒΠ½Π° Ρ„ΠΎΡ€ΠΌΠ°

Klinkt gezellig en lichtvoetig en suggereert een ontspannen, knusse dag.

informeel

Частотні складСні слова

  • zondagsrust

    de rust en stilte die hoort bij de zondag

  • Palmzondag

    de zondag voor Pasen

  • zondagskind

    iemand die altijd geluk heeft

  • zondagskleren

    nette kleren voor een bijzondere dag

Частотні словосполучСння

  • op

    Met 'op' geef je aan op welke dag iets gebeurt.

  • afgelopen

    Verwijst naar de meest recente zondag in het verleden.

  • komende

    Verwijst naar de eerstvolgende zondag.

Π’Π°ΠΆΠ»ΠΈΠ²Ρ– зауваТСння

  • usage:De dagen van de week schrijf je in het Nederlands met een kleine letter, dus 'zondag' en niet 'Zondag'.
  • usage:Om aan te geven dat iets elke zondag gebeurt, kun je 'op zondag' of de archaische vorm ''s zondags' gebruiken.

Π― створив Ρ†Π΅ΠΉ словник як Π½Π°ΠΉΠΏΠΎΠ²Π½Ρ–ΡˆΠΈΠΉ рСсурс для Ρ‚ΠΈΡ…, Ρ…Ρ‚ΠΎ Π²ΠΈΠ²Ρ‡Π°Ρ” Π½Ρ–Π΄Π΅Ρ€Π»Π°Π½Π΄ΡΡŒΠΊΡƒ. ВизначСння Ρ‚Π° ΠΏΡ€ΠΈΠΊΠ»Π°Π΄ΠΈ Π³Π΅Π½Π΅Ρ€ΡƒΡŽΡ‚ΡŒΡΡ, Ρ‚ΠΎΠΌΡƒ Π²ΠΈ ΠΌΠΎΠΆΠ΅Ρ‚Π΅ Ρ–Π½ΠΎΠ΄Ρ– ΠΏΠΎΠΌΡ–Ρ‚ΠΈΡ‚ΠΈ ΠΏΠΎΠΌΠΈΠ»ΠΊΡƒ β€” довіряйтС своїй Ρ–Π½Ρ‚ΡƒΡ—Ρ†Ρ–Ρ—.