NEDERLANDS
🇬🇧

Woordenlijst

The most common Dutch words, ranked by how often they appear in everyday language. Based on the SUBTLEX-NL corpus — 44 million words of Dutch film and television subtitles.

4401–4450 of 4783 words

Less common words
4404koopavondn.avond voor winkelen
4413gespikkeldv.kleine stippen maken
4417dierendagn.dag waarop mensen extra aandacht geven
4418dierkunden.wetenschap die dieren bestudeert
4419cv-keteln.apparaat voor centrale verwarming
4424berkenboomn.boom met witte schors berk
4425basstemn.laagste zangstem of partij
4427bedgordijnenn.gordijn rond bed
4429aftakkingn.zijtak vertakking die van iets groters
4430afdakn.klein dak of overkapping
4431woonkeukenn.keuken met woonfunctie
4432windev.luchtstroom veroorzaken
4433waterjuffern.vliegend insect bij water
4434wandkleedn.textiel aan muur
4435vakantiebestemmingn.plek om vakantie te vieren
4436voorbijvliegenv.snel voorbij gaan
4437vooruitgekomenv.progressie maken
4438voetbalblessuren.verwonding bij voetbal
4439volièren.vogelkooi grote ruimte
4440verrichtingn.uitgevoerde handeling
4441verschrikkenv.plotseling bang worden
4442versuffenv.langzaam dommer worden
4443vakantiegangern.persoon op reis
4444kolenkitn.emmer voor kolen
4445hondentoiletn.plek voor hond plas
4446hondenbezittern.eigenaar van hond
4447hoedenmakern.maker van hoeden
4448heuvelachtigadj.met veel heuvels
4449hengseln.beugel voor deur
4450heerszuchtn.drang om te overheersen