NEDERLANDS
🇬🇧

Woordenlijst

The most common Dutch words, ranked by how often they appear in everyday language. Based on the SUBTLEX-NL corpus — 44 million words of Dutch film and television subtitles.

5501–5550 of 89581 words

Common words
5501getalA2
5502gemeenteA2n.plaatselijke overheid
5503productieB1
5504abortusB1
5507doodsA2v.iemand ombrengen
5509koorA2n.groep mensen die samen zingt deel
5510maniakn.overdreven enthousiast persoon
5511gelukkigeradj.blij zijn
5513leuksteadj.aantrekkelijk of plezierig
5515rondkijkenA2v.om je heen kijken ergens rondkijken
5516moraalB1
5517geoefendv.iets leren doen
5518dringenA2v.stevig druk zetten
5519somberA2adj.treurig donker
5520pagina'sn.bladzijde op papier
5521beeldschoonA2adj.heel mooi
5522archie
5523verhaaltjen.een verhaal
5524vredig
5525vermaaktv.plezier geven
5526evenveelA2pron.eenzelfde hoeveelheid of aantal
5527gewist
5528haaldenn.afkomstig van ergens
5529gigantischB1adj.heel erg groot
5532hoogtepuntA2n.beste of belangrijkste moment hoogste punt
5533hierbovenB2
5534handschriftA2n.manier waarop iemand met de hand
5536toondev.instructie geven
5537onderhoudA2v.met scheiding onderhouden
5539slikkenA2v.naar binnen laten gaan met de
5542discreetB1
5543manipulerenC1v.opzettelijk beïnvloeden of iets bewerken
5544besteedv.tijd gebruiken voor iets
5545beschouwenB1v.overwegen of bekijken
5547verkennenB1v.iets ontdekken of verkennen
5549geïdentificeerdv.iemand herkennen of vaststellen
5550gezeurA2n.aanhoudend en vervelend klagen