(een richting aangeven naar een eerder genoemde plek)
We gaan morgen naar het museum; ben jij daar ook al eens heen geweest?
Het feest is in het park en iedereen loopt daarheen.
Het strand is prachtig; laten we daarheen gaan.
Als je de winkel zoekt, moet je daar naartoe lopen, rechtdoor en dan links.
Welke zin inspireerde dit schilderij?
(verwijzen naar een bestemming die al ter sprake kwam)
Ze heeft een nieuwe baan in Utrecht en reist elke dag daarheen.
De trein naar Berlijn vertrekt om acht uur; ga jij ook daarheen?
Mijn ouders wonen in Groningen en ik ga elk weekend daarheen.
We zijn vorige zomer daarheen geweest en willen graag terug.
我构建这部词典,旨在打造同类中最完整的荷兰语学习资源。定义和例句由 AI 生成,因此您可能偶尔会发现错误——请相信您的直觉。