(iemand benadrukt zichzelf in een zin)
Gijzelf hebt dat gezegd, niet ik.
Als gijzelf niet gaat, wie moet het dan doen?
Gijzelf hebt het beloofd, dus je moet het ook doen.
Als gijzelf niet naar het feest gaat, wie moet er dan voor de gasten zorgen?
Gijzelf hebt de fout gemaakt, niet zij.
Gijzelf bent de baas over je eigen lot.
Als gijzelf, die altijd zo voorzichtig bent, dit risico neemt, dan moet het wel veilig zijn.
Gij moet zelf de keuze maken.
Gijzelf moet de beslissing nemen.
Jijzelf moet de eer hebben voor dit succes.
Gijzelf weet het beste wat goed voor je is.
Gijzelf moet de presentatie voorbereiden voor de vergadering.
Gijzelf bent verantwoordelijk voor deze taak.
Gijzelf moet de boodschappen doen vandaag.
Gijzelf zult de gevolgen moeten dragen.
Waarom hebt gijzelf dat niet eerder gezegd?
Gijzelf moet het maar regelen!
我构建这部词典,旨在打造同类中最完整的荷兰语学习资源。定义和例句由 AI 生成,因此您可能偶尔会发现错误——请相信您的直觉。