deCommon Noun

Singularformen

'Bloem' is een zelfstandig naamwoord in het enkelvoud.

Bestimmt (de/het)
de bloem
"De bloem is mooi."
Unbestimmt (een)
een bloem
"Ik zie een bloem."
Ohne Artikel
bloem
"Bloem groeit in de lente."

Pluralformen

De meervoudsvorm is 'bloemen'.

Bestimmt (de)
de bloemen
"De bloemen zijn kleurrijk."
Ohne Artikel
bloemen
"Ik heb bloemen gekocht."

Verkleinerungsform

bloemetje
"Dit bloemetje is schattig."

Diminutief kan schattigheid of affectie uitdrukken.

informeel

HĂ€ufige Komposita

  • bloemkool

    "Ik heb bloemkool gekookt."

    soort kool met witte bloem

HĂ€ufige Wortkombinationen

  • bloemenwinkel

    "Ik ga naar de bloemenwinkel."

    Een plek waar je bloemen koopt.

  • bloemenbed

    "Het bloemenbed staat vol kleur."

    Een tuinbed met bloemen.

Wichtige Hinweise

  • countability:'Bloem' is een telbaar zelfstandig naamwoord.
  • register:Informeel gebruik voor het diminutief, formeler voor het enkelvoud.
  • usage:'Bloem' wordt vaak gebruikt in de context van natuur en decoratie.

Dieses Wörterbuch ist KI-generiert — das einzige vollstĂ€ndige niederlĂ€ndische Lernerwörterbuch seiner Art. Ich aktualisiere gerade auf die neuesten KI-Modelle, daher kann es gelegentlich Fehler geben. Wenn etwas seltsam aussieht, vertraue deinem Instinkt.