NEDERLANDS
🇩🇪

Dun

AdjektivA2

Attributive Formen

Als je 'dun' vóór een zelfstandig naamwoord gebruikt, zeg je meestal 'dunne'. Bijvoorbeeld: 'een dunne draad' of 'de dunne muur'. Alleen bij onzijdige woorden zonder lidwoord gebruik je 'dun': 'dun papier'.

Mit bestimmtem Artikel
Mit unbestimmtem Artikel
Ohne Artikel

Prädikative Form

Na werkwoorden zoals 'zijn', 'worden' of 'blijven' gebruik je altijd 'dun'. Bijvoorbeeld: 'De stof is dun' of 'Het ijs wordt dun'. Je zegt nooit 'dunne' in deze gevallen.

Komparativ

Om te zeggen dat iets dunner is, gebruik je 'dunner'. Je kunt dit combineren met 'dan' om een vergelijking te maken: 'Deze trui is dunner dan die trui'.

Grundform
Mit „dan"

Superlativ

Voor het dunste gebruik je 'dunst' of 'dunste'. Na 'het' of 'de/het ... is' gebruik je 'dunst': 'Dit is het dunst'. Voor een zelfstandig naamwoord gebruik je 'dunste': 'de dunste laag verf'.

Attributiv
Prädikativ

Wichtige Hinweise

  • usage:'Dun' kan zowel letterlijk (over dikte) als figuurlijk (over hoeveelheid) gebruikt worden. Bijvoorbeeld: 'De mist is dun' (weinig mist) of 'De koffie is dun' (niet sterk).
  • spelling:In de overtreffende trap verandert de 'n' in een 's': 'dunst'. Dit is een regelmatige verandering bij sommige adjectieven die eindigen op '-n'.

Ich habe dieses Wörterbuch als die vollständigste niederländische Lernressource seiner Art gebaut. Definitionen und Beispiele werden generiert, daher kann es gelegentlich Fehler geben — vertraue deinem Instinkt.